Mood Treatment with Antidepressants or Running
Header

Informatie voor onderzoekers

Achtergrond
Behandeling met antidepressiva (SSRI) en bewegingstherapie zijn beiden effectief voor depressieve en angststoornissen maar zijn zelden vergeleken in één onderzoek. Of de invloed van deze interventies op fysiologische processen en algemene gezondheid vergelijkbaar zijn is onbekend. De MOod Treatment with Antidepressants or Running (MOTAR) studie is een multicenter gerandomiseerd klinisch onderzoek waarbij gekeken wordt of de behandeling van depressie en angst fysiologische stress verminderd. Vier onderzoeksvragen worden onderzocht: 1) Zijn de effecten van antidepressiva en bewegingstherapie op depressie en angst symptomatologie en algemene gezondheidsindicatoren vergelijkbaar? 2) Is herstel van depressie en/of angst na de behandeling geassocieerd met verminderde cellulaire veroudering en metabole stress? 3) Zijn antidepressiva en bewegingstherapie vergelijkbaar effectief in het verminderen van cellulaire veroudering en metabole stress? 4) Zijn veranderingen in depressie en/of angst gerelateerde hersenactiviteit gepaard met veranderingen in de lichamelijke gezondheid?

Opzet
De opzet van de studie is multicenter gerandomiseerd klinisch onderzoek met een 16-weekse behandeling met SSRI of drie keer per week runningtherapie.

Onderzoek
Tijdens de basismeting (voorafgaande aan de behandeling) worden een schriftelijke vragenlijst, een (medisch) interview, bloed, urine, speeksel en een conditietest afgenomen waarbij informatie wordt verzameld over demografie, (geestelijke) gezondheid, psychosociale, klinische, biologische en genetische determinanten. Hiernaast worden hersenprocessen van minimaal 25 deelnemers uit elke interventiegroep bekeken met behulp van een structurele en functionele MRI. De metingen worden herhaald na 16 weken behandeling met antidepressiva of runningtherapie. Er wordt 6 en 10 weken na de start van de behandeling een korte vragenlijst afgenomen om de psychische klachten in beeld te brengen en één jaar na de basismeting zal een follow-up plaats vinden in de vorm van een vragenlijst. De resultaten van dit onderzoek zullen naar verwachting gedetailleerde informatie geven over de relatie tussen de behandeling van depressie en/of angst en de vermindering van fysiologische stress, welke bijdraagt aan het beter begrijpen van biologische reacties van de twee interventies.

Onderzoekspopulatie
De onderzoeksgroep bestaat uit 240 deelnemers met een huidige depressieve stoornis en/of een huidige angststoornis die gerecruteerd worden in de geestelijke gezondheidszorg.

Inclusiecriteria
– 18-65 jaar oud
– Huidige depressieve stoornis (MDD) of huidige angststoornis (sociale fobie, paniekstoornis met of zonder agorafobie, agorafobie, gegeneraliseerde angststoornis).

Exclusiecriteria
– Huidig gebruik van antidepressiva (antidepressiva moet minimaal 4 weken afgebouwd zijn voor deelname aan de studie)
– Meer dan 1 keer per week sporten
– Primaire klinisch psychiatrische diagnose anders dan MDD of angststoornis (bipolaire stoornis, psychose, afhankelijkheid van drugs of alcohol)
– Huidig suïcidaal risico
– Medische contra-indicaties voor bewegen of antidepressiva (vastgesteld door een arts)

Exclusiecriteria MRI
– Neurologische problemen
– Geschiedenis met een beroerte
– Bekende contra-indicaties voor MRI onderzoek, zoals de aanwezigheid van metalen objecten of claustrofobie

Behandeling
Antidepressiva
Deelnemers ontvangen een gestandaardiseerde behandeling met selectieve serotonine re-uptake inhibitors (SSRI). Dit medicijn heeft weinig bijwerkingen en is het meest voorgeschreven antidepressivum. Medicatiemanagement zal begeleid worden door een psychiater. De psychiater zal de patiënt aan het begin van de behandeling zien en vervolgens na 2, 6, 10 en 16 weken. Tijdens deze afspraken zal de psychiater de respons op de behandeling evalueren en bijwerkingen en verhogingen volgens de Nederlandse multidisciplinaire richtlijnen depressie en angst. Deelname aan de behandeling wordt geëvalueerd aan de hand van het aantal pillen.

Bewegingstherapie
Gedurende 16 opeenvolgende weken zullen de patiënten drie keer per week gaan hardlopen gedurende 45 minuten. Dit is volgens de aanbevelingen van de DCD/ American College of Sports Medicine en dit is eerder succesvol bewezen voor het verminderen van depressie en angst. Patiënten trainen op individueel niveau tussen de 70-85% van de hartslagreserve (HRR), berekend met behulp van de Karvonen formule. Runningtherapie wordt georganiseerd en begeleid door een hiervoor gekwalificeerde therapeut. Er wordt gestart met 10 minuten warming-up gevolgd door 30 minuten joggen op de eerder omschreven intensiteit en er wordt geëindigd met een cooling-down van 5 minuten. Met behulp van routine controles zullen we bijhouden of de depressie of angstklachten verergeren. Indien dit het geval is dan wordt er een klinisch psycholoog bijgehaald voor advies over verdere behandeling. De patiënten dragen tijdens de runningtherapie een hartslagmeter en rapporteren hun dagelijkse activiteiten in een exercise log. Deze data wordt verzameld na elke sessie om uitval te beperken.